- Virtueel Geheugen: Het besturingssysteem gebruikt virtueel geheugen om virtuele adressen te koppelen aan fysieke adressen (RAM). Dit maakt het voor applicaties makkelijker om geheugen te benutten en stelt de computer in staat om meer geheugen te gebruiken dan er fysiek aanwezig is.
- Paging: Om snel RAM-geheugen vrij te houden voor actieve gegevens, verplaatst het systeem inactieve gegevensblokken (pages) tijdelijk naar de harde schijf (een proces dat eviction heet). Als een programma deze data nodig heeft, wordt het trager vanaf de harde schijf teruggezet naar het RAM.
- De Windows Page File: Windows beheert dit proces via een speciale geheugenbeheerder en slaat deze pagina’s op in een verborgen bestand genaamd
page file.sisop de hoofppartitie. - Instellingen wijzigen: Je kunt de grootte en locatie van het paging-bestand zelf aanpassen via het Configuratiescherm:
- Configuratiescherm > Systeem en beveiliging > Systeem > Geavanceerde systeeminstellingen > tabblad Geavanceerd > Prestaties (Instellingen) > tabblad Geavanceerd > Virtueel geheugen.
- Advies: Hoewel er richtlijnen zijn (zoals een minimum van 1x de hoeveelheid RAM op 64-bit Windows 7), is het in de meeste gevallen het beste om Windows het paging-bestand automatisch te laten beheren.



Geef een reactie